Dubbelinterview Michael Berg en Charles den Tex

16/04/2012
Nieuws Interview
Dubbelinterview Michael Berg en Charles den Tex

Meestal heb je als interviewer een duidelijk beeld voor ogen wanneer je aanstuurt op een dubbelinterview. De geïnterviewden hebben veelal een link met elkaar of delen eenzelfde interesse, kennen elkaar wellicht of kennen een duidelijke overeenkomst. In het geval van Charles den Tex en Michael Berg ligt het allemaal iets minder voor de hand.

Ze kennen elkaar niet persoonlijk, zitten niet bij dezelfde uitgeverij en staan allebei op een ander punt in hun carrière. De (enige) duidelijke linking pin ligt verscholen in Frankrijk. Berg woont er sinds hij in 2004 uit Nederland vertrok en Den Tex schrijft er. Ze willen allebei het liefst verhalen vertellen die ergens over gaan. Verder kwam het toevallig zo uit. We spraken af in een hotel in Den Haag.

Tekst en foto's: Sander Verheijen

Charles den Tex (1952) werd onlangs voor de achtste keer genomineerd voor de Gouden Strop. Drie keer ging hij met de prijs voor de beste Nederlandstalige misdaadroman naar huis. De tweede keer betekende het keerpunt in zijn carrière. De macht van meneer Miller werd negen maanden na verschijning een onverwachte bestseller en werd onbedoeld het begin van zijn succesreeks met Michael Bellicher in de hoofdrol. Enkele weken geleden verscheen De vriend, zijn twaalfde thriller, een standalone.




Collegaschrijver Michael Berg (pseudoniem van Michel van Bergen Henegouwen, 1956) debuteerde in 2008 met zijn eerste thriller, Twee zomers. Het was het eerste boek waarin journaliste Chantal Zwart haar opwachting maakte. Zelf spreekt hij liever niet van een reeks, maar over 'standalones met toevallig dezelfde hoofdpersoon'. Zijn meest autobiografische boek, Hôtel du Lac, betekende een kleine doorbraak voor de in Frankrijk woonachtige schrijver. Hij werd genomineerd voor de Vlaamse Diamanten Kogel en werd zonder uitzondering overladen met goede kritieken. Deze week verschijnt het vierde boek met de jonge journaliste in de hoofdrol: Nacht in Parijs.

ALSOF HET DÁÁR OM GAAT!

Michael Berg was jarenlang programmamaker en zendercoördinator bij de Nederlandse radio, voordat hij samen met zijn vrouw naar Frankrijk vertrok. De koek was op en Berg wilde zichzelf graag de kans geven iets met zijn passies te doen: schrijven of muziek maken. Het werd vooral schrijven. Berg woont permanent in Frankrijk, Den Tex zit er ongeveer de helft van het jaar.

Den Tex: 'Meestal zitten we tot en met de Maand van het Spannende Boek in Nederland en vertrekken we in de zomer naar ons verblijf in Frankrijk. Dan gebeurt er in Nederland toch niet zoveel meer. Op een of andere manier schrijf ik in Nederland tien keer zo langzaam. Als ik in Frankrijk ben schrijf ik 30, 35 duizend woorden per maand.'

Berg: 'Dat deed ik in mijn goede jaren, haha. Toen ik begon met schrijven haalde ik zo 1.000 woorden per dag. Ik zit nu op 800 en het wordt steeds erger.'

Den Tex: 'Je hebt wel gelijk. Het gaat steeds langzamer.'

Berg: 'Ik word ook steeds kritischer en blijf er maar aan knutselen. Maar zo lang ik het nog steeds leuk vind om de vijftigste versie te schrijven, heb ik er geen moeite mee.'

Den Tex: 'Ik weet nog dat ik mijn tweede boek, Claim, in zeven weken heb geschreven. Daarna was ik ook wel heel erg duizelig. Tweeënhalfduizend woorden per dag! Nou, dat haal ik nu niet meer. Ik ben al tevreden als ik 1.500 woorden haal.'

Berg: 'Ik lees vaak op twitter berichten van auteurs die jubelen dat ze lekker bezig waren als ze 3.000 woorden op een dag hebben geschreven. Ja, alsof het dáár om gaat.'

Den Tex: 'Nee, het moet daar niet om gaan, maar het is vaak wel een teken dat je in een goed ritme zit.'



FEEDBACK

Hoe belangrijk vinden zij het contact met hun uitgever of redacteur tijdens het schrijven?

Berg: 'Ik heb alleen contact op mijn verzoek. Dan wil ik eigenlijk alleen een bevestiging hebben dat ik op de goede weg ben.'

Den Tex: 'Geen negatieve feedback?'

Berg: 'Jawel, als ze het niks vinden moeten ze het ook zeggen. Maar meestal maak ik mezelf meer zorgen dan mijn uitgever. Maar verder heb ik niet veel contact tussendoor.'

Den Tex: 'Mijn uitgever krijgt niets te lezen totdat ik ermee klaar ben. En dan eigenlijk nog niet, want mijn vrouw leest het eerst. De uitgever krijgt pas de tweede versie.

Mijn redacteur is er een met de zwarte viltstift. Vooral niet rood, want dan kun je de zin die er stond er nog doorheen lezen. En dan zegt hij altijd heel opgewekt: "Het zijn alleen maar suggesties hoor!" (lacht). Daar moest ik aanvankelijk wel even aan wennen, maar nu vind ik dat eigenlijk heel prettig werken. Het is lekker duidelijk. Niet misschien zou je dit of misschien dat. Nee, weg, weg, weg. Dan kan ik zelf wel bedenken of ik het er mee eens ben of niet. Ik moet eerlijk zeggen dat hij meestal ook wel gelijk heeft.'

Berg: 'Ik heb ook altijd tegen mijn uitgever gezegd: "Ik ben geen teer zieltje. Ik kan goed tegen kritiek als het maar gefundeerd is." Zonder kritiek word je nooit beter, en uiteindelijk wil ik beter worden.'

Den Tex: 'Ik ben opgegroeid in de reclame. Daar is het alleen meestal ongefundeerd. "Ik vind het maar niks," zeggen ze dan. Nou, dat weet je dan. Klaar.'

KEERPUNT

In vele opzichten betekende De macht van meneer Miller, zijn zevende thriller, het keerpunt in de carrière van Den Tex. Niet alleen door het winnen van zijn tweede Gouden Strop en het daaropvolgende verkoopsucces, maar al tijdens het schrijven bleek het een bijzonder boek te zijn.

Den Tex: 'Ik probeerde iets te schrijven dat er niet uitkwam. Ik was aan het stoeien met de vorm, maar het lukte niet meteen. Achteraf denk ik dat ik er gewoon niet hard genoeg voor heb gewerkt. Toen ik het eerste manuscript naar zowel mijn vrouw als mijn uitgever stuurde, kwamen ze allebei terug met precies dezelfde opmerkingen. Ik heb het min of meer over moeten doen en het is daardoor wel geworden wat ik beoogde: met een duidelijk format. Bij CEL, de tweede in die reeks, ging het vrijwel vanzelf.'


LAATBLOEIERS

Michael Berg en Charles den Tex zijn allebei behoorlijke laatbloeiers als het gaat om debuteren als (thriller)schrijver. Den Tex was 41, Berg tien jaar ouder.

Den Tex: 'Ik nam mezelf altijd voor om voor mijn veertigste mijn eerste boek te schrijven. Het schrijven ervan was me wel gelukt, maar ik kon geen uitgever vinden. Niemand wou het hebben.'

Berg: 'Bij mij lag die deadline op 50 jaar, maar ik moest eerst mijn baan nog opzeggen. Dat heb ik gedaan. We hebben alles verkocht en zijn naar Frankrijk gegaan. Ik wilde weer creatief bezig zijn. Vroeger was ik bij de omroep al veel bezig met schrijven en bedenken van concepten, maar in de loop van tijd was ik een beetje directeurtje geworden. Ik stond zo ver af van wat ik was en wilde zijn dat mijn vrouw op een dag zei: "Zullen we er niet gewoon mee stoppen? Verkopen we de boel, vertrekken we naar ons vakantiehuis en dan kun jij je boek schrijven." Zo gezegd, zo gedaan. Het bleek een hele goede beslissing voor ons beiden.'






En toen kwam het boek er ook snel?

Berg: 'Nee. Ik moest eerst vijfentwintig jaar werken bij de omroep uit mijn hoofd zien te krijgen. Het idee voor mijn verhaal had ik in Nederland al, maar ik heb het ruim een jaar voor me uitgeschoven. Toen ben ik gaan zitten en ben niet meer opgehouden met schrijven.'

Den Tex: 'Bij mij is het heel anders gegaan. Ik zat in de reclame en was onder andere adviseur interne bedrijfscommunicatie. Het was werken, werken, werken. Op een gegeven moment ging ik letterlijk onderuit. Ik had griep en het ging niet meer over. Totdat de dokter mij een lange vakantie voorschreef. Ik werkte als zelfstandige en dacht direct: als ik stop, dan raak ik mijn klanten kwijt. Maar ik wist dat er iets moest gebeuren. Na drie maanden niets doen ging ik me echt vervelen en ben ik begonnen met schrijven. Na ongeveer een jaar was het spaarpotje echt leeg en moest ik ook weer aan de slag. Ik heb het in de jaren die volgden misschien wel zeven keer herschreven en naar twaalf uitgevers gestuurd. Uiteindelijk werd het uitgeverij Bert Bakker.'

Toch duurde het bij Den Tex tot CEL (dertien jaar na zijn debuut) dat hij kon stoppen met zijn werk als freelance adviseur.

Berg: 'Ik heb sowieso veel waardering voor mensen die naast hun vaste baan een boek kunnen schrijven. Ik moest echt stoppen met werken om de tijd te vinden en dat te kunnen doen.'

Den Tex: 'Ik werkte altijd driekwart jaar om een spaarpotje te maken en ging dan drie maanden schrijven. Ik weet dat René Appel alleen 's avonds en in het weekend schreef, naast zijn werk. Dat heb ik nooit gedaan. Dan zit ik daar en gebeurt er niks. Ik wist van meet af aan dat als ik door wilde met het schrijven van boeken dat ik me echt twee, drie maanden helemaal moest kunnen afsluiten. Als de eerste versie er maar stond, dan kwam ik er wel.'

Schrijven op een deadline?

Den Tex: 'Ik ben niet anders gewend. Ik heb weleens gedacht, als ik toch eens drie jaar zou hebben voor het schrijven van een boek, maar ik weet zeker dat ik het dan doe in de laatste drie maanden (lacht). Dan ga ik wel onderzoek doen enzo, maar het echte schrijfwerk stel ik dan toch zo lang mogelijk uit.'

Berg: 'Ik heb mezelf voorgenomen om ieder jaar, in het voorjaar, een boek af te leveren. Dat heb ik tot nu toe gered, maar twee jaar geleden heb ik een boek dat zo goed als af was weggegooid. Dan moet je wel even flink aan de bak, om dan toch de deadline te halen.'

Den Tex: 'Ik heb dat nog nooit gehaald, elk jaar een boek. Mijn gemiddelde ligt op anderhalf jaar. Maar ik doe ook andere dingen. Ik schrijf ook toneel en ben met televisie bezig. Dan blijft een volgend boek wat langer liggen.'

Berg: 'Ja, maar ik ben veel later begonnen en ik wil toch zeker proberen om tien boeken te hebben geschreven voordat ik zestig ben (lacht).'

Den Tex: 'Nou dat gaat toch wel lukken?'

Berg: 'Het is een strakke planning.'







EEN BOEK MOET MUZIKAAL ZIJN

Als je het zo bekijkt zie je ineens meer overeenkomsten tussen de auteurs. Ze hebben allebei, hoewel de Den Tex tijdelijk, hun vastigheid opgezegd om zich volledig te kunnen wijden aan het schrijven. Ook leggen ze allebei de stilistische lat vrij hoog en hechten ze belang aan ritme.

Berg: 'Ik heb veel documentaires gemaakt en ik zie duidelijke parallellen met het schrijven. Het grappige is dat ik dezelfde technieken nu weer gebruik. Een verhaal opknippen en het vertellen vanuit verschillende perspectieven. Ik heb ook veel muziek gecomponeerd en ook daarin zitten overeenkomsten. Een boek moet ook muzikaal zijn. Het moet mooi zijn om ook hardop voor te lezen. Dat heeft ook weer met mijn radio-achtergrond te maken. De ritmiek is belangrijk. Korte zinnen afwisselen met lange zinnen. Dat zijn dan de frutsels waar ik erg op let, dat vind ik het leukste van schrijven.'

Den Tex: 'Ik ben het daar wel mee eens. Hoewel ik zelf vooral de neiging heb om eerst het verhaal "erop" te krijgen, vind ik het wel belangrijk dat het goed klinkt. Het moet wel kloppen.'

Berg: 'Ja, en dat je het een beetje intelligent opschrijft.'

Den Tex: 'Dat ook. Als je alleen op het verhaal gefixeerd blijft, dan worden alle zinnen hetzelfde. Er staan alleen andere woorden in, er gebeurt dan weinig meer in die stijl. Ik vind wel dat daar ontwikkeling in moet blijven en dat betekent in mijn geval dat ik me soms een beetje moet forceren daarin. Op zoek naar de grenzen van je eigen stijl. Angstval, mijn zesde boek, is daar een goed voorbeeld van. Toen ik daaraan begon dacht ik "als ik nu weer het verhaal vertel zoals de vorige keer, dan weet ik het eigenlijk wel." Ik ben dus in dat boek elke zin anders gaan schrijven dan dat ik het anders zou doen. Dat is voor mij heel belangrijk geweest. Het was een ietwat geforceerde stijl, maar voor mij het bewijs dat ik wél verder kon. Niet op dezelfde manier, maar wel verder.'

Berg: 'Ik probeer mezelf bij ieder nieuw boek een nieuwe opdracht mee te geven. Dat zit bij mij vaak in de constructie, hoe ik het verhaal ga vertellen. Het verhaal is gewoon een verhaal. Het gaat uiteindelijk om hoe je het vertelt. Bij Nacht in Parijs heb ik daarmee ontzettend geworsteld. Het was om te maken erg ingewikkeld: het wisselen van tegenwoordige tijd in verleden tijd, de verschillende perspectieven… Maar toch moest het zo.'


DRIVE

Berg: 'Mijn drive is dingen maken voor een publiek. Mensen intelligent amuseren. Dat was bij de radio al zo en eigenlijk is dat altijd hetzelfde gebleven. Een hoge oplage is leuk, maar het gaat niet zo zeer daarom. Ik wil gewoon goede boeken schrijven. Boeken die er toe doen. Boeken die geschreven moeten worden.'

Den Tex: 'Allereerst wil ik verhalen vertellen die wel iets te melden hebben over onze wereld, de wereld waarin we leven. Dat zit natuurlijk heel erg verweven in de onderwerpen die ik kies. En het is voor mij wel belangrijk dat er een paar van verkocht worden, want ik ben er financieel afhankelijk van. Toen mijn eerste boek verscheen schreef Rinus Ferdinandusse al: "Laten we niet hopen dat hij na boek twee al afhaakt, zoals de meesten." Dat is nog steeds het geval. Er zijn heel veel schrijvers die er na twee, drie boeken de brui aan geven omdat het te veel werk is om vervolgens niet verkocht te worden.'





Berg: 'En hoe bepaal je wat een succes is? Het is allemaal zo relatief. Van mijn laatste boek, Hôtel du Lac, ik wil niet eens weten hoeveel daarvan zijn verkocht. Ik zou er waarschijnlijk alleen maar treurig van worden, maar het werd wel overal goed besproken én genomineerd voor de Diamanten Kogel. Dat is natuurlijk ook succes hebben.'

Den Tex: 'Het is ook onvoorspelbaar. Een loterij. De macht van meneer Miller bijvoorbeeld. Dat boek was al dood toen het de prijs won. Het kwam in september of oktober uit en tot de uitreiking van de Gouden Strop, acht maanden later, waren er misschien 1.500 van verkocht. Ik zat bij mijn zevende boek gewoon weer op het oplageniveau van mijn allereerste boek. Nádat ik al eens de Strop gewonnen had, een paar jaar eerder. Ik heb echt gedacht: "En nu kap ik ermee." Maar toen werd ik genomineerd en won. Er werden er zomaar 15, 20 duizend van verkocht. Zonder die prijs was er geen bal gebeurd met dat boek.'


DE DIGITALISERING

Beide schrijvers staan ook nog even stil bij de grootste bedreiging voor hun vak: de piraterij. Eentje die in een rap tempo dichtbij komt. Berg windt zich op over de zwakke politiek op dit punt, Den Tex is bang dat de manier waarop hij werkt onmogelijk gaat worden.

Den Tex: 'Het gaat om mensen die hun huizen goed afsluiten en er zelf nooit over hebben gedacht een andermans huis binnen te gaan en 'm leeg te jatten. Maar ze vinden het wel "gewoon" om digitaal alles mee te nemen wat ze tegenkomen. Die ontwikkeling van de digitalisering is niet meer te stoppen en gaat alleen nog maar veel verder.'

Berg: 'Deze ontwikkeling ben ik op zich wel voor. Ontwikkelingen moet je niet willen afremmen.'

Den Tex: 'Nee, daar ben ik ook voor, maar ik ben er niet voor dat de manier waarop ik werk onmogelijk gemaakt wordt. En dat er dan allemaal van die eikeltjes op je afkomen die zeggen: "Nou, dan moet je een ander businessmodel kiezen." Dan denk ik: ik ga wel een hockeystick halen en dan ram ik je in elkaar, misschien is dat een goed businessmodel, haha.'

Berg: 'Dat is het vreemde van dit kabinet. Je mag van minister-president Rutte wel een hockeystick pakken om een inbreker van je af te slaan, maar in de Tweede Kamer is geen meerderheid te vinden om het downloaden te verbieden. In Frankrijk hebben ze dat beter geregeld. Drie keer illegaal downloaden en je bent de klos.'

Den Tex: 'De regeringspartijen zijn als de dood om jonge stemmers te verliezen. Als je een keer je vingertje opsteekt en iets wilt doen aan illegaal downloaden, dan kost dat kiezers.'




RECHTS GEDACHTEGOED

Van de Nederlandse en Franse politiek is de stap zo gemaakt naar een andere overeenkomst.
In zowel Nacht in Parijs als in De vriend speelt het rechtse gedachtegoed een belangrijke rol.

Den Tex: 'Jij eerst.'

Berg: 'Je vertelde net al dat jij een verhaal wilt vertellen over iets dat er toe doet. Dat heb ik dus ook. Toen vorig jaar Domenique Strauss-Kahn werd opgepakt voor dat gedoe met dat kamermeisje, wist ik niet wat ik hoorde. Dat was "mijn idee". Ik was zoiets aan het schrijven. Op dat moment kun je twee dingen doen: of heel snel het boek afschrijven, maar dat zit er bij dus niet in, of het verhaal aanpassen. Ik koos voor het laatste.'

Nacht in Parijs gaat over wat er gebeurt als een oversekste, populistische Franse politicus in bed sterft na een onenightstand. Een jonge journaliste heeft de primeur, maar beseft dat ze er niks mee kan beginnen totdat er ook een lijk is. Daar ontbreekt elk spoor van.

Berg: 'Een goed lezer zal erachter komen dat deze politicus natuurlijk staat voor een groot aantal politici. Het verhaal speelt zich af in Frankrijk, maar zou net zo goed in Nederland kunnen spelen.'

Den Tex: 'Het rechtse gedachtegoed is wat deze tijd kenmerkt. Het is wat elk gesprek, elk debat overheerst. Op het moment dat ik een verhaal schrijf dat nu speelt, dan kun je er bijna niet omheen. Als je dat niet meeneemt, wordt het een onrealistisch verhaal. En er zitten natuurlijk wel fijne dingen in voor een thriller.'

Maar eigenlijk is Den Tex nog veel meer gefascineerd in iets anders: het gevaar van de systemen.

Den Tex: 'Er wordt aan de ene kant onnoemelijk veel geïnvesteerd in informatie. Alles wordt opgeslagen, bewerkt en met elkaar verbonden. We kunnen ons amper indenken hoe ver dat gaat, maar we lopen allemaal vrolijk rond met het idee van who cares. Todat de systemen allemaal tegen je gaan werken. Dat vind ik enorm fascinerend.

Mijn stelling is eigenlijk: de nerds zijn de enige mensen die nog invloed op hun eigen leven kunnen uitvoeren. Zij kunnen - als het niet klopt - het systeem nog in. Wij niet. Wij zijn niet meer dan koeien in de digitale wei. Als er iets fout gaat, worden wij gewoon afgevoerd naar de slachtbank. En we kunnen daar niks aan doen.'



De vriend van Charles den Tex verscheen eind maart bij uitgeverij De Geus.
Nacht in Parijs van Michael Berg verschijnt deze week bij uitgeverij The House of Books.