Emlyn Rees doet het weer alleen (interview)

06/08/2012
Nieuws Interview
Emlyn Rees doet het weer alleen (interview)

We gaan even terug naar eind jaren negentig. Twee jonge schrijvers besloten na een avond doorzakken in een Engelse pub de handen ineen te slaan en samen een boek te schrijven. Heb mij lief van Josie Lloyd en Emlyn Rees werd een wereldwijde bestseller. Hun samenwerking leidde niet alleen tot een serie succesvolle boeken met titels als Blijf bij mij, Heb je mij nog lief? en Liefde op het tweede gezicht, maar bleek ook een vruchtbare voedingsbodem voor een gezin te zijn. Lloyd en Rees trouwden en kregen samen drie dochters.



Tekst en foto's Emlyn Rees: Sander Verheijen



Na zeven grappige liefdesromans, uitgebracht in meer dan 26 talen, vond het schrijversechtpaar dat het tijd werd voor iets nieuws. Hun laatste gezamenlijke titel verscheen in 2007 en daarna zouden hun wegen – als schrijvers – voorlopig scheiden. Het werd tijd voor een nieuwe persoonlijke uitdaging, zo vertelt Jo in 2009 in een interview met ‘S’ Magazine: “Als je creatief bent, dan moet je jezelf af en toe de ruimte geven om te vernieuwen. Ik was er klaar voor om eindelijk een echte blockbuster te schrijven. Een grote roman. Een nieuwe uitdaging. Emlyn vertelde me dat hij al een tijdje rondliep met zijn idee voor een all action thriller.”

Die thriller kwam natuurlijk niet uit de lucht vallen. Rees’ schrijfcarrière begon namelijk tien jaar eerder met, jawel, een misdaadroman, The Book of Dead Authors (1997), een jaar later gevolgd door nummer twee. Vier jaar na het voorlopig laatste boek van Lloyd & Rees leverde hij dan eindelijk zijn derde crime novel af, Hunted. De volbloed adrenaline thriller verscheen een aantal maanden geleden in Nederlandse vertaling als Opgejaagd.




Ik ontmoet Emlyn in de bar tijdens het CrimeFest in Bristol, eerder dit jaar. Hij heeft goede herinneringen aan Nederland, waar hun populariteit ongekend groot werd na een bezoekje aan de tv-show van Paul de Leeuw.

Emlyn: “Jo droeg van die hoge jaren negentig schoenen, gleed uit en belandde op de tafel van Paul. We kregen een staande ovatie, waarschijnlijk alleen omdat we als idioten overkwamen, haha. Ik drink mijn thee nog steeds uit de Paul de Leeuw-mok die ik toen kreeg.”



IK WILDE ALTIJD AL THRILLERSCHRIJVER WORDEN
Zoals gezegd schreef Emlyn al voor zijn successen met Jo twee thrillers.
“Ik denk dat ik het ‘literaire thrillers’ zou noemen. Het was precies wat je van een 25-jarige pretentieuze jongeman die bij een uitgever werkt zou verwachten. The Book of Dead Authors gaat over een moordenaar die thrillerschrijvers vermoordt die onder een pseudoniem schrijven. Ik werkte toen bij een agency en ontdekte dat zoveel boeken niet geschreven worden door de persoon die de interviews doet. Ik werd daar gek van. Het was mijn ultieme wraak, haha! Het werd uitgegeven door een grote uitgeverij (Headline) en ze verkochten, denk ik, vijf exemplaren. Vier ervan aan mijn moeder… Mijn tweede thriller was iets conventioneler en heette Undertoe. Kortom, ik wilde altijd al thrillerschrijver worden. Maar toen ontmoette ik Jo, werden we dronken in een pub, ik versierde haar met een onvergetelijke oneliner: ‘Wil je een boek met me schrijven?’ Zo eenvoudig was het. We waren die dag allebei geïnterviewd door The Guardian voor een artikel over debuterende auteurs. En die avond in de kroeg hebben we elkaar vermaakt met de verhalen over onze vrienden, over onze mislukte dates, over onze levens tot dat moment. De volgende ochtend belde ik haar op. Ze wist nog vaag wat we hadden afgesproken.”

Emlyn schreef die week een eerste hoofdstuk van het boek dat hun levens voorgoed zou veranderen en stuurde dat naar Jo.

“Jo reageerde daar snel op en zo ontstond langzaam het boek. Heb mij lief is nog steeds mijn favoriete boek, en misschien zelfs nog steeds het beste dat we schreven. Maar ik had nooit gedacht dat ik een romantic comedy-schrijver zou worden. Maar het werkte. We hadden er lol in, werden verliefd, kregen kinderen, schreven zeven romans en zo waren er ineens tien jaar voorbij.”




PUZZELEN
“Ik schreef alleen maar over leuke, grappige en vooral ‘normale’ mensen, die heel dicht bij mezelf stonden. Ik wilde wel eens schrijven over een ander soort mens. En na zeven boeken waren mijn grappen op. Het was tijd om iets anders te gaan doen en ik had geen twijfel over wat het moest worden: een pure thriller. En het zou zich afspelen in Londen, de stad waar ik zielsveel van houd maar die we omwille van de kinderen hebben verlaten. Ik wilde de stad waar iedereen denkt dat je je vrij kunt bewegen veranderen in een val. Daar gaat het boek over. Hoe kan een onschuldige man ontsnappen uit een stad waar elke politieman de jacht op hem heeft geopend en 500.000 CCTV camera’s worden gebruikt om hem te vangen. Een man tegen de grote stad. Het was echt leuk om te schrijven. Een groot gedeelte van het werk bestond voor mij - net als voor hoofdpersoon Danny - uit puzzelen. Hoe kom je daar in godsnaam uit? De Big Brother Surveillance Society draait in een stad als Londen op volle toeren. De belangrijkste obstakels waar Danny tegenaan loopt zijn dat zijn identiteit zo snel bekend is en hij zo eenvoudig kan worden getraceerd. In de UK zijn er meer dan vier miljoen beveiligingscamera's. In Londen alleen al een half miljoen. Een gemiddelde Londenaar die zich door de stad beweegt, wordt dagelijks gefilmd door zo'n 350 camera's in vijfendertig verschillende toezichtssystemen.”

Het verhaal en de setting deden mij erg denken aan de film Enemy of the State met Will Smith en Gene Hackman. Big brother is watching you!

Emlyn: “Ja, dat kan wel. Ik denk dat ik daar zeker door beïnvloed ben. Maar ook de Jason Bourne-boeken. Het enige probleem dat ik met Bourne heb, is dat hij een robot is. Ik wilde mijn hoofdpersoon, Danny, menselijk maken. Hij geeft om zijn familie, zijn dochtertje. Hij is geen superheld, maar een normale jongen die de pech heeft gehad op een verkeerd moment op de verkeerde plek te zijn geweest. Je wilt ook echt dat hij ontsnapt. Mijn elevator pitch? Let op: Opgejaagd is een race-tegen-de-klok-thriller over een onschuldige man tegen de stad die hij liefheeft, maar zich tegen hem keert. Hoe klinkt dat?”


Als je praat met Emlyn Rees dan wordt een ding je direct duidelijk. Hij heeft humor en is echt grappig. Was het moeilijk voor hem om de grappen en grollen achterwege te laten in dit boek?
Emlyn: “Nee, waar een man rent voor zijn leven en overal gevaar loert, daar is geen ruimte voor grappen. Maar in elke thriller moet wel humor zitten. Anders zou het te heftig worden. Danny’s hulpje, de Kid, maakt de grapjes. Maar hij is dan ook niet op de vlucht. Als je grappen maakt over gevaar dan is het niet langer beangstigend.”

Emlyn: “In fictie is het heel erg belangrijk dat je als lezer iets met het hoofdpersonage hebt. Je zou eigenlijk met iedereen een biertje moeten willen drinken. Daar is wel humor voor nodig, maar niet in de vorm van het maken van grappen. Bij Elmore Leonard en bij de Myron Bolitar-boeken van Harlan Coben, daar gaat het niet om de spanning. Die zijn vooral grappig.”





EXHIBIT A
Naast het schrijven gaat Emlyns betrokkenheid bij het thrillergenre nog veel verder. Hij is namelijk ook editor bij een nieuwe thrilleruitgeverij Exhibit A.

Emlyn: “Ik ben bezig met het opzetten van een lijst met nieuwe, interessante thrillerschrijvers. We doen twaalf titels per jaar, een per maand. Het is een soort droom die is uitgekomen. In de week dat ik Jo ontmoette was ik met verschillende partijen in gesprek om als crime fiction editor te gaan werken. Ik ben nu een 25-jarige redacteur, gevangen in het lichaam van een veertigjarige, haha. Ik heb het enthousiasme van een puppy. Maar het is af en toe wel moeilijk, hoor. Dan denk ik, hoeveel thrillerschrijvers komen er nu in de buurt van Thomas Harris’ Silence of the Lambs… Ik bedoel dát was een goed boek. En het is lastig, want ik heb een schrijversgeweten. Ik vind dat ik een manuscript een kans moet geven, ook al weet ik na tien pagina’s dat het het niet gaat worden. Maar daar zal ik vast nog overheen groeien.”

Hoe combineert hij het lezen en beoordelen van manuscripten met zijn eigen schrijfwerk?

Emlyn: “Ik lees heel graag crime en nu kan ik dat doen met een andere reden. Het ontdekken van nieuw talent. Wat dat betreft ben ik net een kind in een snoepwinkel! Ja, ik schrijf er nu weer naast, maar dat deed ik ook toen ik vijfentwintig was, een fulltime job had, een vriendin had en nog de stomme dingen deed die je op die leeftijd doet. En toen kon ik ook een boek schrijven. Ik wil geen golf spelen. De uren die anderen aan golf of een andere hobby besteden, ben ik aan het schrijven. Dat is mijn hobby.”

Toch verscheen Opgejaagd niet bij Exhibit A.

Emlyn: “Nee, ik heb een fantastische uitgever (James Gurbutt, red.). In zijn fictiefonds ben ik op dit moment de enige thrillerschrijver. Volgend jaar verschijnt mijn tweede thriller met Danny Shanklin, Wanted.”

In Nederland verscheen Opgejaagd in april bij uitgeverij De Fontein. Als ik hem het boek laat zien, vertelt hij me dat hij de Nederlandse cover much cooler vindt dan de oorspronkelijke Engelse cover. Ik vertel Emlyn dat hij door de uitgever in één zin wordt genoemd met Jason Bourne en Die Hard.

Emlyn: “I love Die Hard! Ik heb het onlangs met mijn dochter zitten kijken. Er wordt wel in gevloekt, maar gelukkig niet veel. Het concept ervan is briljant. De film is nog beter dan je denkt. Ik ben dus wel blij met de vergelijking.” Hij kijkt nog eens naar het omslag en wijst lachend op de teaser Voor de liefhebbers van Die Hard en Jason Bourne. “Ja mooi, maar ik zou daarachter nog zetten: but better than that.”